verwarming
Gepubliceerd: 28-01-2019 Laatste update: 29-01-2019

Je wilt vanzelfsprekend een comfortabel klimaat in de woning. Je hebt de keuze uit verschillende typen verwarmingssystemen. Het type woning en het persoonlijk ervaren gevoel van comfort bepalen mede de keuze voor een systeem en het gebruik van deze verwarming.

Zorg eerst dat de isolatie van de woning op orde is. Hoe beter een woning warmte vast kan houden, hoe minder je hoeft te investeren in het vermogen van het verwarmingssysteem. Want het gevraagde vermogen om te verwarmen neemt af met een goede isolatie. Het gevraagde vermogen is uit te rekenen. De installateur meet de inhoud (m³) van de te verwarmen ruimten en berekent het vermogen (Watt) per ruimte door de gewenste temperatuur per ruimte te bepalen. Zo kun je de energiekosten beter in de hand houden.

Wat de energielasten ook stevig drukt: moderne, comfortabel zittende thermische onderkleding dragen in de koude maanden. 

convectiewarmte

Je kunt ruimten verwarmen met convectieverwarming. Dit systeem warmt de lucht op met radiatoren (beter gezegd: convectoren die nauwelijks warmte stralen). De verwarmde lucht stijgt op tot aan het plafond. Daar koelt de lucht af en zakt ze weer naar beneden. Bij de vloer kun je een lagere temperatuur meten dan bij het plafond. Ook brengt de convectiestroom stof in beweging. Als de warme lucht langs raampartijen en openstaande ventilatieroosters strijkt, kan koudeval optreden, ook bekend als trek. Dit kun je ervaren als een stroom koudere lucht die een minder comfortabel gevoel geeft. Dubbele en driedubbele HR-beglazing brengt de koudeval terug. Ook met ondiepe convectorputten kun je koudeval verminderen. Deze techniek creëert een circulerende luchtstroom van en naar de convectorput. De stroom werkt als een warmtebuffer voor de raampartijen. De lucht koelt bij het plafond af en zakt naar de convectorput. Zo kan deze relatief koude lucht niet de vloer bereiken.

Je kunt bij convectieverwarmingssystemen kiezen uit systemen die werken met hoge en lage watertemperaturen, van 60 tot 85 °C en van 30 tot 35 °C. De convectoren voor lage watertemperaturen vragen doorgaans om een groter budget. Ze zijn lichter gebouwd zodat de warmte sneller afgegeven kan worden, dit heeft dus wel zijn prijs.

stralingswarmte

Mensen ervaren stralingswarmte als comfortabel. Dat komt niet alleen omdat een groot oppervlakte opwarmt met een watertemperatuur van maximaal 35 °C. We zijn dit type warmte gewend dankzij de stralingswarmte van de zon. Warme lucht van een convectiesysteem ervaar je als een isolator, de lucht staat warmte slecht af. Stralingswarmte niet, want die warmt net zoals de zon het lichaam op en alle objecten in een ruimte, denk aan stoelen en kasten. Die staan vervolgens de warmte weer af. Er ontstaat ook een veel lagere luchtstroom zodat minder stof in beweging wordt gebracht.

Bij de keuze voor een stralingssysteem doe je er verstandig aan zelf te bepalen wat je als comfortabel ervaart. Is de woning zeer goed geïsoleerd, dan hoeft het systeem minder warmte te leveren. De energiekosten nemen af. De afgenomen stralingswarmte kan wel voor een afname van het ervaren comfort geven, het thermisch discomfort.

Je kunt bij stralingwarmte kiezen uit elektrische en watersystemen. Stralingsystemen geven veel stralingswarmte en een klein deel convectiewarmte af, bij convectieverwarming is dit omgekeerd. De straling van watersystemen warmt een ruimte minder snel op dan convectiewarmte, de opwarmtijd is langer. Deze opwarmingtijd is mede afhankelijk van de woningisolatie en het gekozen systeem. Een pluspunt van watersystemen die zijn aangesloten op een waterpomp: je kunt er mee koelen zodat je geen airconditioning hoeft aan te schaffen. Het warme water  voor het systeem kan worden geleverd door combiketels en warmtepompen (in combinatie met zonneboilers voor warm tapwater).

Bij waterverwarming worden waterleidingen geïnstalleerd in de vloer, wand of plafond en vervolgens afgewerkt. Vloerverwarming komt het meeste voor. Terwijl wand- en plafondverwarming wellicht meer comfort bieden. Wanden en plafonds hebben minder massa dan vloeren en kunnen de ruimte dan ook doorgaans sneller opwarmen. Dat scheelt energiekosten. 

Plafondverwarming heeft als voordeel dat het vrij naar beneden kan stralen. Er staan immers geen banken, kasten en vloeren in de weg. De straling reist altijd door, hoe hoog het plafond ook is. Je hebt bij dit systeem ook geen last van overmatig warme voeten. 

Watersystemen worden vaak gekozen voor het verwarmen van grote ruimten als de woonkamer. Elektrische systemen, vaak rolbare matten met dunne kabels, laten bewoners meestal in kleine ruimten installeren die ze minder vaak gebruiken. Denk aan de badkamer of een hobbyruimte. De reden: een elektrisch systeem kan de ruimte veel sneller opwarmen dan een watersysteem. De bewoner profiteert binnen een paar minuten van een warme badkamervloer. Qua energiekosten kan elektrisch verwarmen duurder uitpakken dan verwarmen met watersystemen of met convectoren.

Bij elektrische systemen kun je kiezen voor dunne kabels in vloer, wand of plafond. Ook is elektrische verwarming met losse infraroodpanelen mogelijk. Deze panelen produceren een niet-schadelijk, langgolvig infrarood. Bij kortgolvige apparatuur als staalkachels kan wel verbranding van de huid optreden, omdat deze golf een veel hogere temperatuur kan bereiken. De apparaten zijn dan ook energievreters. 

De panelen worden met bouten aan de wand en/of het plafond bevestigd. Met al één enkel paneel kun je snel aan een lokale warmtevraag voldoen in ruimten die veel minder worden gebruikt dan de woonkamer. Want de aanlooptijd is kort.

Zonnepanelen kunnen de energiekosten van elektrische systemen verlagen. Wel is het zo dat de warmtevraag het hoogst is in de winter wanneer de zonkracht het laagst is. Dus zal netstroom de extra energievraag in de donkere maanden moeten dekken.